Veiligheidsbeheersysteem
Doesltelling van het model veiligheidsbeheersysteem
Bedrijven die vallen onder het Besluit Risico Zware Ongevallen (BRZO) dienen op grond van dit
BRZO te beschikken over een veiligheidsbeheerssysteem (VBS), een managementsysteem op
het gebied van veiligheid. Echter ook bij bedrijven die niet vallen onder de BRZO-regelgeving,
maar waar toch sprake is van potenti&emlle risico's, is het zinvol om het veiligheidsbewustzijn te
vergroten en veiligheidsbeheersing in te voeren in de bedrijfsvoering. Hiervoor zijn nog geen
praktische instrumenten beschikbaar. Hoofddoelstelling voor dit document is het aanreiken
van een instrument voor bedrijven die niet vallen onder het BRZO om zowel de interne als de
externe veiligheid systematisch te beheersen.
Doelgroep
Het model kan in theorie worden gebruikt door een ieder die de veiligheidsaspecten binnen de
organisatie wil leren kennen en structureel wil beheersen. Het is echter geschreven voor de
bedrijven die niet vallen onder het Besluit Risico's Zware Ongevallen maar wel geregistreerd
zijn in het kader van het Register Risicosituaties Gevaarlijke Stoffen (RRGS), vallen onder de
ARIE-regeling of bedrijven die vallen onder het Besluit Externe Veiligheid.
Ondanks dat het model niet expliciet is geschreven voor bedrijven die vallen onder het BRZO
kunnen ook deze bedrijven het model gebruiken voor het opzetten van een, voor hen verplicht,
Het model veiligheidsbeheersysteem
Het opzetten en invoeren van een veiligheidsbeheersysteem omvat in de praktijk (meestal) de
volgende 4 stappen:
1. Voorbereiding
Een goede voorbereiding is van belang voor het doeltreffend invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem.
Het verdient aanbeveling om over de volgende zaken duidelijkheid te hebben
voordat wordt gestart met het invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem:
-
a. Het vaststellen van het belang en de noodzaak van een veiligheidsbeheerssysteem.
b. Het creëren van voldoende draagvlak in de organisatie voor het invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem.
c. Bewustwording van de mogelijke consequenties die het invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem met zich mee kunnen brengen.
d. Vaststellen van de grenzen (reikwijdte) en diepgang (detailniveau) van het veiligheidsbeheerssysteem
Om een goede start te kunnen maken met het opzetten van het veiligheidsmanagementsysteem is het noodzakelijk om de startpositie te bepalen. Het vaststellen van de nulsituatie heeft tot doel het vaststellen welke onderdelen van een veiligheidsbeheerssysteem al in voldoende mate aanwezig zijn en welke onderdelen nog ontwikkeld en/of ingevoerd moeten worden.
3. Ontwikkeling & invoering
Op basis van stap 1 en 2 kan een concreet plan van aanpak worden opgesteld voor het op een slimme manier ontwikkelen en invoeren van het veiligheidsbeheerssysteem. Belangrijk hierbij is de juiste snelheid te kiezen. De planning om te komen tot een gedegen opgezet en geïmplementeerd veiligheidsbeheersysteem moet passen bij de organisatie.
4. Borging & verbetering
Met het ontwikkelen en invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem is nog niet sprake van een doelmatig veiligheidsbeheerssysteem. De werking van een veiligheidsbeheerssysteem kan alleen effectief zijn als de verschillende onderdelen regelmatig worden getoetst. Hiermee wordt het systeem geborgd en wordt gewerkt aan verdere vermindering en beheersing van de veiligheidsrisico's
Bron:
Veiligheidsbeheersing door bedrijven 1
een model-VBS voor bedrijven
(bij het invoeren van een veiligheidsbeheerssysteem)