Week: 28 van 10 tot en met 16 juli 2011


Nieuws van Internet:
  • Droogte: de gluiperige vijand
  • Burgemeester Denie: terug naar Zjwame
  • In hoeverre moet je sturing geven aan veiligheidshuizen?
  • In gesprek met Sarah Wouters, Veiligheidshuis Genk (be)
  • Uitleg over het nieuwe Landelijke Crisisanagement Systeem
  • Excuses Van der Laan over lange aanrijtijden Aalsmeer
  • Focus Saffraanplein in Almere blijft
  • Veiligheidshuis Tilburg: geen apart overleg geweldplegers
  • Provincie Noord-Holland mede organisator 'Watercities in transition"
  • Gemeente Hoorn stemt in met troubleshooters veiligheidshuis
  • Eisen voor blusboten Zeeland zijn 'onrealistisch'
  • VNCI: "Veiligheid moet gewaarborgd zijn"
  • Naleving brandveiligheidsvoorschriften nog altijd onder de maat
  • Staatssecretaris Atsma: brandveiligheid Akzo Nobel niet goedgekeurd
  • Reactie Gemeente Zwolle op situatie DMI


  • Onderwerp: Droogte: de gluiperige vijand
    Thema: crisismanagement
    Datum: 10 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Een bizar beeld in mei en juni: bootjes sproeien boezemwater op veendijken. Het crisismanagement van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW), een onder Rijkswaterstaat ressorterende dienst, heeft in samenwerking met waterschappen en provincies gewerkt tegen de meest schadelijke effecten van de extreme droogte van dit voorjaar. Daarbij ging het om het voorkomen dat de veendijken verdroogden en met zogeheten kleinschalige wateraanvoervoorzieningen (kwa) vers zoet water uit het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek aanvoeren naar de Hollandsche IJssel om de verzilting bij Gouda een halt toe te roepen.
    Dat maatregelen werken, zo bleek uit een presentatie van Herbert Berger, lid van de LCW. Ook de dertig centimeter water die op het IJsselmeer is gezet, droeg zijn steentje bij tegen de oprukkende zouttong. Dat zout is schadelijk voor de vele Greenports (tuinbouwclusters), waaronder de kapitaalintensieve sierteelt in Boskoop.
    Door de geringe aanvoer van de Rijn - met een debiet van slechts negenhonderd kubieke meter per seconde eind mei - kroop de zouttong uit de Noordzee gestaag de Nieuwe Waterweg op, en verder. 'Eind mei lag het zout met concentraties tot drieduizend milligram chloride per liter op de Hollandsche IJssel voor de deur bij Gouda. Deze zoutconcentraties zijn nu gedaald', aldus Berger. De kleinschalige wateraanvoervoorzieningen zijn daarom begin juli beëindigd. Het hoge peil in het IJsselmeer blijft gehandhaafd.

    Onderwerp: Burgemeester Denie: terug naar Zjwame
    Thema: veiligheidsregio
    Datum: 11 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Dolgraag had ik aangeschoven bij het tafeltje waaraan Moerdijks burgemeester Jan Mans en zijn voorganger Wim Denie onlangs genoten van een ongetwijfeld fijn diner.
    Om uiteraard een vorkje mee te prikken, maar veel meer nog om eindelijk eens te horen wat Wim Denie nu vindt van al die heisa rond de brand bij Chemie Pack. Om heel precies te zijn: waarom juist híj plotseling vertrok na een bezoek aan commissaris van de koningin Wim van den Donk. Niet lang na de enorme brand en de entree van Bredaas burgemeester Peter van der Velden van de veiligheidsregio.
    Hij, Denie dus, vertrok in ieder geval niet vrijwillig. Dát maakte hij wel duidelijk tijdens zijn afscheidsreceptie. En dat maakt uiteraard heel erg nieuwsgierig. Wat was er aan de hand? Waarom gooide Denie de handdoek in de ring en hield hij vervolgens zijn mond? Want na de afscheidsreceptie bleef het oorverdovend stil. Geruchten genoeg.
    Maar Wim Denie, anders nooit te beroerd voor commentaar met een kwinkslag, zweeg in alle talen. "Ik wacht eerst de onderzoeksresultaten af", was hij zoals altijd vriendelijk, maar erg beslist. Ongetwijfeld is er aan het restauranttafeltje over gesproken. Over dat vertrek. Het was een goed gesprek, een leuk samenzijn, sprak Jan Mans tijdens de laatst gehouden Moerdijkse raadsvergadering.
    Misschien zei Denie bij het voorgerecht: ik ben nog altijd kwaad. Bij het hoofdgerecht: dit verdiende ik niet. En bij het dessert: let op, ik sla nog wel terug. Dat is dus gissen.
    Het was voor Denie ook een afscheid van de gemeente Moerdijk. Hij is bijna verhuisd naar zijn vroegere gemeente Zjwame, Limburgs voor Swalmen. Weg uit de gemeente Moerdijk waar hij dolgraag enkele jaren langer als burgemeester was gebleven. Het was hem niet gegund. Misschien vertelt hij ooit waarom. We blijven nieuwsgierig.

    Onderwerp: In hoeverre moet je sturing geven aan veiligheidshuizen?
    Thema: veiligheidshuis
    Datum: 11 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    De groei van Veiligheidshuizen en de toenemende gemeentelijke betrokkenheid is aangemerkt als één van de instrumenten voor sturing van veiligheid. Dit staat in het VNG-onderzoek 'Sleuren of Sturen', uitgevoerd door Pieter Tops. Welke effecten heeft dit voor de politie? Woensdag 29 juni 2011 kwamen 40 deelnemers van politie en 30 deelnemers vanuit het OM, gemeenten en veiligheidshuizen in Warnsveld bijeen voor het programma Politie en Veiligheidshuizen. We vroegen Letty Demmers, korpschef van Zeeland en voormalig burgemeester, en Angelique Tukker, ketenmanager van Veiligheidshuis Den Haag, in hoeverre je sturing moet geven aan veiligheidshuizen.
    Letty Demmers is een voorstander van niet te veel vastleggen en meer over te laten aan de frontlijnmedewerkers. "Ik vind het belangrijk om te komen tot een doorontwikkeling van veiligheidshuizen, zonder het helemaal dicht te timmeren. Ik geloof in de kracht van 'couleur locale'. Dus niet landelijk een blauwdruk uitrollen, maar meer een aantal handvatten en zekerheden bieden die het lokaal mogelijk maakt dit belangrijke werk te doen. Het veiligheidshuis moet gezien worden als een platform waar men kennis en informatie met elkaar deelt en waar men komt tot gezamenlijke plannen van aanpak die leiden tot een verbetering van het resultaat en een versnelling van de aanpak."
    Angelique Tukker is het met haar eens en vindt het daarbij belangrijk dat de frontlijnmedewerkers zich gesteund voelen door het management en dat ze mandaat krijgen. Een duidelijke visie vindt zij daarbij essentieel. Maar dan niet zozeer een landelijke als wel een duidelijke lokale visie. "Sturing is nodig, al is het maar om te bepalen of een veiligheidshuis meer een werkhuis of een overleghuis is. Vaak zijn de afspraken nu impliciet, maar wat gebeurt er als mensen weggaan? Moet je dan bij de opvolger opnieuw beginnen met het maken van afspraken? Het is beter de afspraken expliciet te maken. Dat voorkomt ruis."
    Demmers: "Een aantal dingen kun je met elkaar afspreken, bijvoorbeeld over de financiering, dat maakt het alleen maar makkelijker. Maar werk niet met allerlei beleidsnotitie's en visiedocumenten, want dan maak je er weer meer beleidsorganen van dan echte uitvoeringsorganen. De vraag is dus in hoeverre je sturing moet geven."
    Tukker zou ertegen zijn als het veiligheidshuis een eigen organisatie werd met een focus op eigen processen en protocollen. "Natuurlijk moet je de manier waarop je samenwerkt wél goed vastleggen in een gezamenlijk proces. Dit proces moet deelnemers faciliteren, zodat zij zich kunnen concentreren op de creatieve oplossingen die ze niet alleen hadden kunnen bedenken of uitvoeren."
    "Dit vraagt mensen die in staat zijn om de brede mogelijkheden van politiewerk te kennen, te zien en ook in te zetten", aldus Demmers. "Het gaat dus om meer dan iemand die met informatie om kan gaan. Het moet iemand zijn dat kan waarmaken wat hij of zij belooft. Het is dus zeer belangrijk dat er een goede casting plaatsvindt. We willen hierover verder praten in de landelijke stuurgroep Veiligheidshuizen."
    Meer op bovengenoemde link naar de bron.

    Onderwerp: In gesprek met Sarah Wouters, Veiligheidshuis Genk (be)
    Thema: veiligheidshuis
    Datum: 12 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Sarah Wouters is als preventieambtenaar werkzaam bij de stad Genk waar zij belast is met de dagelijkse leiding en aansturing van het Veiligheidshuis Genk. Hiervoor volgde zij de opleiding Criminologie aan de Universiteit in Gent.
    Het Veiligheidshuis Genk is van start gegaan in 2009 en richt zich met name op het voorkomen van criminaliteit en onveiligheid alsook een verhoging van de leefbaarheid en het veiligheidsgevoel. Het Veiligheidshuis bundelt signalen van (on)veiligheid en gaat samen met andere stedelijke diensten, de lokale politie en externe partners op zoek naar oplossingen. "Een lokaal integraal en geïntegreerd veiligheidsbeleid houdt rekening met verschillende aspecten van veiligheidsproblemen: sociaaleconomische factoren, omgevingskenmerken, kenmerken van daders en slachtoffers. Er is aandacht voor pro-actie, preventie, reactie en opvolging. Dit vanuit een sterk netwerk en in samenwerking met alle betrokken actoren uit verschillende sectoren en beleidsniveaus."
    Het Veiligheidshuis is actief vanuit de stedelijke afdeling Sociale Zaken en werkzaam voor de politiezone Genk - As - Opglabbeek - Zutendaal. In de praktijk richt het Veiligheidshuis zich vooral op problematieken in Genk.
    In het Veiligheidshuis Genk worden (on)veiligheidsproblemen gezamenlijk door de betrokken partnerorganisaties opgepakt. Denk hierbij aan rondhangende jongeren gepaard met overlast, inbraak, winkeldiefstal, de veiligheid en leefbaarheid aan het station, … . Betrokken partners zijn ondermeer stedelijke diensten van de afdeling sociale zaken (jeugd, diversiteit en educatie, wijkontwikkeling, sociaal welzijn), andere stedelijke diensten (mobiliteit, economie, woonbeleid, …), de politie, drugshulpverlening, straathoekwerk, Justitiehuis Tongeren, de openbare vervoersmaatschappij De Lijn, de Spoorwegmaatschappij NMBS, Bureau Alternatieve afhandeling Limburg (BAAL) en het ziekenhuis Oost- Limburg.
    In het Veiligheidshuis Genk wordt een integrale aanpak voorgestaan. "Het Veiligheidshuis is het aanspreekpunt voor (on)veiligheidsthema's in brede zin. Per probleem zetten we een samenwerking op, verrichten we een analyse en maken we een plan van aanpak. Betrokken partners rapporteren (on)veiligheidsproblemen aan het Veiligheidshuis, die bundelt deze kennis waarna gericht actie kan worden ondernomen. Belangrijke vragen hierbij zijn: welke problemen spelen er? Doen alle partners mee? En doen alle partners wat ze moeten doen?" In het Veiligheidshuis Genk is oog voor verschillende aspecten van (on)veiligheidsproblemen. Daarnaast is er een gezond evenwicht in soorten maatregelen: er is niet alleen aandacht voor repressieve maatregelen maar ook voor preventie. Een belangrijk verschil met de veiligheidshuizen in Nederland is dat er in het Veiligheidshuis Genk geen integrale persoonsgerichte aanpak wordt gehanteerd. Er zijn wel diensten die werken met personen zoals bijvoorbeeld de Opvoedingswinkel en De Uitdaging, die werken met jongeren met emotionele- en gedragsstoornissen, hun ouders, leerkrachten en opvoeders.
    Maar er bestaat op dit ogenblik geen integrale persoonsgerichte aanpak waarbij alle betrokken actoren, zowel uit de zorgsector als uit politie en justitie samen rond de tafel zitten rond een persoon. In het Veiligheidshuis Genk ligt bij (on)veiligheidsproblemen de focus op een gebiedsgerichte (hotspots) en groepsgerichte (doelgroepen) aanpak. "Het Veiligheidshuis is de uitvalbasis van een aantal gemeenschapswachten die worden ingezet voor preventief toezicht. Gemeenschapswachten vind je ondermeer in verschillende Genkse wijken. Via de inzet van gemeenschapswachten willen we de sociale controle bevorderen en het veiligheidsgevoel van onze inwoners verhogen.
    Daarnaast hebben de gemeenschapswachten een belangrijke signaal- en aanspreekfunctie." De burgers spelen hierbij een belangrijke rol. Meldingen komen op verschillende manieren bij het Veiligheidshuis terecht, via burgers, stadsbestuur , politie en natuurlijk ook via andere stedelijke diensten. Samen met de relevante partners wordt het probleem geanalyseerd en gekeken of er actie moet genomen worden.
    Een succesfactor is de rol van de burgemeester die dicht bij de burgers staat en signalen op het gebied van (on) veiligheid neerlegt bij de afdeling sociale zaken en bij de preventieambtenaar die deze weer inbrengt in het Veiligheidshuis. Er is kortom sprake van korte lijnen, zowel op uitvoerend als bestuurlijk niveau. Een andere succesfactor is de nauwe samenwerking met de politie, waarmee zeer veel wordt overlegd en afgesproken. Een derde succesfactor vormt de gemeentelijke regierol. De gemeente is als geen ander in staat om als neutrale, bemiddelende partij te waken over de veiligheid van haar inwoners. Tot slot is in het Veiligheidshuis Genk voortgebouwd op reeds bestaande goed functionerende verbanden en netwerken. "Denk groot, maar begin klein. Door op kleine schaal de aanpak succesvol te maken, kan het succes zich verspreiden." Bezoek

    Onderwerp: Uitleg over het nieuwe Landelijke Crisisanagement Systeem
    Thema: crisismanagement
    Datum: 12 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    In de komende periode worden alle veiligheids regio's in Nederland voorzien van het nieuwe LCMS 2.0. Het consortium: Capgemini, Geodan, Esri en Getronics verzorgt de implementatie in goed overleg met alle regio's. Met het nieuwe systeem gaat het delen van informatie beter en sneller, wat leidt tot een beter (gezamenlijk) beeld en snellere besluitvorming. Met een video wordt uitleg gegeven over het Landelijk Crisismanagement Systeem.

    Onderwerp: Excuses Van der Laan over lange aanrijtijden Aalsmeer
    Thema: veiligheidsregio
    Datum: 13 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Aalsmeer - Maandagavond bracht de Amsterdamse burgemeester Van der Laan in bijzijn van zijn Aalsmeerse ambtgenoot Litjens een bezoek aan de brandweerkazerne in Aalsmeer. Kazernemanager Wilfred van Randwijk en circa dertig vrijwillige brandweermannen en -vrouwen hoorden Van der Laan, voorzitter van de Veiligheidsregio, uitleggen hoe hij zich kon vergissen in de aanrijtijden van de brandweer in Aalsmeer.
    De Amsterdamse burgervader had volstrekt ter goeder trouw gehandeld toen hij twee fuserende brandweerkazernes van Amsterdam-Zuidoost voorhield dat samengaan niet zo'n ramp hoefde te betekenen 'want', zo zei hij 'in Aalsmeer duurt het sowieso een kwartier voordat de brandweer er is. Door twee kazernes in Amsterdam-Zuidoost samen te voegen komen we nog niet aan de aanrijtijd die er in Uithoorn en Aalsmeer is.' Die uitspraak was tegen het zere been van de Aalsmeerders.
    Het Aalsmeerse brandweerkorps sprak grote waardering uit voor de komst van de Hoofdstedelijke burgemeester naar hun kazerne. Hij kwam zelf ter plekke uitleggen hoe hij tot zijn uitspraak was gekomen. De Amsterdamse burgemeester maakte maandagavond excuses voor het mogelijke beeld van trage aanrijtijden en onveilige situaties in Aalsmeer. Ook hij is ervan overtuigd dat de veiligheid van bewoners in Aalsmeer niet in gevaar is en dat de vrijwillige brandweer adequaat en accuraat zijn taken uitvoert. Het (vrijwillige) brandweerpersoneel werd gerustgesteld met de verklaring van Van der Laan dat hij mogelijk de aanrijtijden van politie en brandweer had verward.
    Van der Laan lichtte afgelopen maandag kort toe dat modernisering van het Amsterdamse beroepskorps op inhoud en arbeidsvoorwaarden noodzakelijk is.'Het doel is vergroting van de veiligheid door het verleggen van de aandacht van repressie naar preventie.' Ook sprak hij over het beter faciliteren van de Amsterdamse professionals zodat zij hun werk met meer plezier en op onderdelen veiliger kunnen doen.
    De aanwezige vrijwilligers brandweerlieden riepen op de bezuinigingen op de Amsterdamse brandweer niet af te wentelen op vrijwilligers elders. De Aalsmeerse vrijwilligers spraken uit dat (bestuurlijk) erkend moet worden dat er binnen het korps twee type brandweermensen werken: beroeps en vrijwilligers. Die moeten anders aangestuurd worden en de samenwerking tussen beide moet geprofessionaliseerd worden. Afgesproken wordt dat de positionering van de vrijwilligers bestuurlijke aandacht krijg. Van der Laan luisterde goed naar het verhaal en de argumentatie van de brandweerlieden. Hij neemt de informatie mee in zijn verdere afwegingen. In het najaar hoopt hij belangrijke vervolgstappen te kunnen zetten.

    Onderwerp: Focus Saffraanplein in Almere blijft
    Thema: veiligheidshuis
    Datum: 13 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    ALMERE - De overlast van jongeren op het Saffraanplein heeft nog steeds de volle aandacht van gemeente, politie en jongerenwerkers. Dat laat Mirjam Boon, woorvoerder van burgemeester Annemarie Jorritsma desgevraagd weten.
    In september vorig jaar was het goed mis op en om het plein in Kruidenwijk. Er waren bedreigingen aan het adres van een agent en vernielingen van auto's en straatmeubilair. Het ging volgens de burgemeester destijds om 'een groep van zo'n tien Marokkanen tussen de zestien en 23 jaar oud'. In de weken die volgden, werd een aantal jongeren opgepakt vanwege betrokkenheid bij de onrust. Sindsdien is het stil over de aanpak van de problemen rond het plein. Toch gebeurt er volgens Boon genoeg. Over 'een groepje Marokkaanse jongeren' wordt inmiddels niet meer gesproken op het stadhuis. De overlastgevende groep jongeren zou nu gemêleerd zijn. ,,Samen met de politie, De Schoor en het Veiligheidshuis proberen we de situatie snel te verbeteren'', aldus de woordvoerder.
    Om dit doel te bereiken zijn inmiddels een aantal maatregelen getroffen, vertelt Boon. ,,Het toezicht op en om het plein door politie, toezichthouders en straatcoaches is uitgebreid en er wordt strikter gecontroleerd op het naleven van wetgeving en vergunningsvoorwaarden.''
    Ook de jongerenwerkers van De Schoor, het Veiligheidshuis en vrijwilligers van de moskee worden betrokken bij de aanpak van de problemen. Hun inzet zou moeten leiden tot begeleiding naar 'een zinvolle dagbesteding en een persoonsgerichte aanpak voor de harde kern jongeren'. Of deze maatregelen succesvol zijn, weet de woordvoerder niet. Wel zijn de buurtbewoners volgens haar blij met de verhoogde aandacht. Dit blijkt uit een recent overleg. ,,We blijven hen oproepen tot het doen van aangiftes bij de politie.''

    Onderwerp: Veiligheidshuis Tilburg: geen apart overleg geweldplegers
    Thema: veiligheidshuis
    Datum: 13 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    TILBURG - Bijna op de dag af twee jaar geleden kondigde toenmalig minister Hirsch Ballin een strenge aanpak aan van geweldplegers. Een proef in Tilburg met deze zogenoemde 'Dadergerichte Aanpak Geweldplegers' moest per wijk de top 5 of top 10 van daders in beeld brengen, en die zouden 'dicht op de huid' gezeten worden.
    De proef van Hirsch Ballin, die ook in Gouda en Almere draaide, had verder twee doelen: in kaart brengen welke overleggen rond geweldplegers er al zijn, en wat de mogelijkheden zijn als een geweldpleger eenmaal bekend is.
    Inmiddels is het aantal veelplegers (die vaker dan tien keer een procesverbaal kregen) in Tilburg met bijna veertig procent teruggelopen, en daarmee voor een deel ook het aantal geweldsincidenten.
    Toch duurde het na de aankondiging van Hirsch Ballin nog even voor de proef in Tilburg echt van de grond kwam: het Tilburgse Veiligheidshuis, dat de pilot coördineerde, stelde zijn voorwaarden. "We wilden geen apart overleg over geweldplegers", zegt Sandra Timmermans, teammanager persoonsgerichte aanpak. "We zien geweldplegers niet als een aparte doelgroep. Geweld speelt bijvoorbeeld bij veelplegers en de harde kern van de hangjeugd ook een rol. Daarom leek nóg een apart overleg ons niet zinvol."
    Waarmee de dadergerichte aanpak van de geweldsplegers eigenlijk 'gewoon' werd opgenomen in de werkwijze van het Veiligheidshuis. Elke veelpleger in Tilburg, vaak ex-delinquent, komt terecht bij het Veiligheidshuis. Vaak hebben de cliënten niet alleen een historie van verslaving, maar ook van geweld en hebben ze niet zelden een verstandelijke beperking.
    Timmermans: "Met een deel van de veelplegers kunnen we niet zo veel. Die willen zich niet echt aanpassen, dan worden ze repressief aangepakt." Dat deel krijgt dus 'gewoon' de hogere straf die voor veelplegers geldt (soms twee of drie keer de straf die een ander zou krijgen). "Maar een deel kun je wel degelijk helpen."
    Voor hen wordt een begeleidingstraject opgesteld. In het Veiligheidshuis wordt gekeken of ze nog een straf open hebben staan, schulden hebben, een woning. Daarna wordt per cliënt de goede begeleiding erbij gezocht.
    Derk Tabor, die de begeleiding van ex-delinquenten coördineert: "Daderknuffelen? Nee, want ze krijgen hun straf. Maar van alleen maar straffen is nog nooit iemand beter geworden. Soms komen ze in de gevangenis wat tot rust, maar ze komen een keer vrij. Mensen die er wat langer tussenuit zijn, hebben hulp nodig om hun leven weer op te kunnen pakken."
    ' Van alleen straffen is nog nooit iemand beter geworden'

    Onderwerp: Provincie Noord-Holland mede organisator 'Watercities in transition"
    Thema: waterveiligheid
    Datum: 14 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Van 29 oktober tot en met 4 november 2011 vindt voor de eerste keer de 'International Waterweek Amsterdam' (IWWA) plaats. De IWWA draait om kennisuitwisseling over integrale innovatieve oplossingen in de hele watercyclus, over onder meer innovaties in watertechnologie, waterkwaliteit en watermanagement. De IWWA bestaat uit conferenties, excursies, watervakbeurzen en publieke evenementen.
    Één van de congressen tijdens de IWWA is Watercities in transition. Het congres focust op kennisuitwisseling tussen ruimtelijke planners en waterbeheerders over hoe in steden in de wereld wordt ingespeeld op uitdagingen ten gevolge van klimaatverandering, stedelijke ontwikkeling en modern waterbeheer. De provincie Noord-Holland is medeorganisator van dit congres.
    Wereldwijd groeit de behoefte aan integrale innovatieve oplossingen om dijken te versterken. De provincie heeft ten aanzien van waterveiligheid de rol van regisseur op ruimtelijke ontwikkeling. De provincie organiseert tijdens het Watercitiescongres veldateliers over het onderwerp;Innovatie in waterveiligheid; geïntegreerde innovatieve oplossingen bij klimaatadaptatie en revitaliseren van bestaande infrastructuur.

    Onderwerp: Gemeente Hoorn stemt in met troubleshooters veiligheidshuis
    Thema: veiligheidshuis
    Datum: 14 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    HOORN - Een grote meerderheid van de Hoornse gemeenteraad gaf op dinsdagavond 12 juli groen licht voor cameratoezicht in de binnenstad. Ook stemde de raad in met de oprichting van het Veiligheidshuis en de inzet van twee troubleshooters als aanvullende veiligheidsmaatregelen.
    Het college wil voor twee jaar een ketenregisseur aanstellen die met andere veiligheidspartners en maatschappelijke partners samenwerkt aan opsporing, vervolging, berechting en hulpverlening. Het doel is het terugdringen van overlast, huiselijk geweld en criminaliteit. De kerenregisseur brengt de juiste partners aan tafel om problemen te signaleren en samen oplossingen te bedenken en uit te voeren. Dit voorstel werd unaniem aangenomen door de gemeenteraad.
    Dit voorstel is om voor twee jaar twee troubleshooters aan te stellen. Deze troubleshooters gaan aan de slag met complexe veiligheidsproblemen. Het is de bedoeling dat zij veiligheidsproblemen signaleren en analyseren, oplossingen bedenken en deze vervolgens uitvoeren samen met inwoners, ondernemers en andere hulpverleners. De fracties van VVD, VOCHoorn, Fractie Tonnaer, CDA, D66, Hoornse Senioren Partij en Hoorns Belang stemden voor dit voorstel, waarmee dit met een meerderheid werd aangenomen. PvdA, GroenLinks en SP stemden tegen.

    Onderwerp: Eisen voor blusboten Zeeland zijn 'onrealistisch'
    Thema: veiligheidsregio
    Datum: 15 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    De Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) moet de Europese aanbestedingsprocedure voor twee blusboten op de Westerschelde over doen. De inschrijving werd eind mei opengesteld, maar geen enkele berger heeft binnen de gestelde termijn gereageerd.
    De twee belangrijkste spelers op de Westerschelde, het Antwerpse sleep- en bergingsbedrijf URS/Smit en Multraship in Terneuzen hebben wel belangstelling getoond, maar haakten uiteindelijk toch af. Directeur Leendert Muller van Multraship noemt de voorwaarden waaronder de VRZ een gegarandeerde bluscapaciteit met bergers wil afspreken, zowel technisch als juridisch 'niet realistisch'. De bedrijven hebben dat in een gezamenlijke brief aan de veiligheidsregio kenbaar gemaakt.
    Muller wijst onder meer op de bepaling dat de eerste blusboot binnen anderhalf uur na alarmering op de plaats van het incident moet zijn. Binnen die reactietijd is ook dertig minuten ingecalculeerd voor inscheping van brandweermensen. Overschrijdt de gecontracteerde berger de limiet, dan riskeert hij een boete. Muller vindt dat onredelijk. "Stel dat wij bij Dow in Terneuzen een naftatanker assisteren en we moeten voor een incident naar Hansweert. Dat haal je nooit binnen die negentig minuten."
    Niet alleen de afstand speelt een rol, legt Muller uit. "Een nafatanker kun je niet zomaar loslaten." En zo zijn er binnen het uitgestrekte gebied van de Westerschelde meer onhaalbare situaties te bedenken, voert Muller aan.
    VRZ-projectleider Jeroen Meijering, brandweercommandant van Terneuzen, kijkt op van dit argument. "Toen wij de aanbestedingsprocedure aankondigden, vroegen de bergers zich hardop af waar de overheid zich plotseling zo druk om maakte. Toen was het: 'we zijn er tóch al en doen gewoon ons werk'. Nu blijkt het opeens tóch niet zo goed geregeld. Want blijkbaar kunnen ze niet altijd binnen een redelijke tijd ergens zijn. Dat geven ze zelf aan! Als de bergers het nu vervolgens zó willen spelen, prima."
    De Veiligheidsregio heeft 75.000 euro per jaar over voor de permanente beschikbaarheid van twee schepen met bluscapaciteit. Muller: "Voor dat geld kun je een schip niet een heel jaar lang stil laten liggen. Zelfs niet in een samenwerkingsverband."
    Hoewel in de aanbesteding de mogelijkheid tot samenwerking van bedrijven is toegestaan, vindt Meijering de gekozen handelswijze van URS/Smit en Multraship 'niet zo handig'. "Wanneer twee concurrerende partijen samen zo'n brief schrijven, ga je bijna iets vermoeden… Als ze niet oppassen, krijgen ze straks nog een aanklacht voor kartelvorming aan hun broek."
    Om uit de impasse te komen, praat de VRZ de komende weken nog met andere partijen in Antwerpen en Rotterdam. Meijering: "We komen er vast wel uit. Het vergt alleen nog wat duwen en trekken." Ook Muller geeft aan de deur zeker nog niet dicht te gooien en het overleg te zoeken. "We willen met de VRZ tot een oplossing komen. Het belang van de veiligheid op de Westerschelde is immers ook ons belang."

    Onderwerp: VNCI: "Veiligheid moet gewaarborgd zijn"
    Thema: externe veiligheid
    Datum: 15 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    De Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) is bezorgd over de gegevens die staatssecretaris Atsma (Infrastructuur en Milieu) gisteren naar buiten heeft gebracht over de veiligheidsprestaties van Brzo- en PGS 15-bedrijven. De VNCI stelt voorop dat bedrijven de veiligheid geborgd moeten hebben. De tekortkomingen uit de inspecties, waarbij het met name ging om borging van het veiligheidsmanagementsysteem, moeten door de bedrijven aangepakt worden. Samen met VNO-NCW en een aantal andere brancheorganisaties werkt de VNCI op dit moment aan een plan dat de veiligheid in de industrie als geheel verder moet verbeteren.
    In zijn brief aan de Tweede Kamer noemt Atsma de namen van 27 Brzo-bedrijven die bij eerdere inspecties tweemaal "slecht" scoorden en van 24 PGS 15-bedrijven waar onvoldoende voortgang wordt gemaakt in de (administratieve) borging van de (brand)veiligheid. Van deze bedrijven zijn er vijf lid van de VNCI. De VNCI heeft contact met hen opgenomen en gebleken is dat veel verbeterpunten inmiddels door de bedrijven zijn aangepakt.
    Samen met een aantal brancheorganisaties, waaronder de VNCI, wordt in VNO-NCW verband gewerkt aan een actieplan voor Brzo-bedrijven. In dit actieplan, onder de titel 'Veiligheid Voorop' staan de kernelementen van een solide veiligheidscultuur centraal: betrokken leiderschap, excellente uitvoering van het veiligheidsbeheerssysteem, actieve veiligheidsnetwerken voor betere veiligheidsprestaties en het in de keten alleen zaken doen met veilige bedrijven. Brancheorganisaties zullen met hun leden kijken naar mogelijkheden om de veiligheid in de branches verder te verbeteren. Daarbij speelt transparantie over de veiligheidsprestatie een grote rol. Na de zomer wordt het plan formeel naar buiten gebracht.
    De VNCI pleit er daarnaast voor dat de regionale uitvoeringsdiensten (RUD's) die de vergunningverlening, toezicht en handhaving in een regio verzorgen voor Brzo-bedrijven landelijk aangestuurd worden. De VNCI vindt dat de verantwoordelijkheid voor Brzo-bedrijven bij niet meer dan vier regionale diensten neergelegd moet worden. Hierdoor is elk van die vier RUD's automatisch verantwoordelijk voor voldoende te controleren Brzo-bedrijven, waardoor een voldoende hoog deskundigheidsniveau van de dienst geborgd kan worden.
    De VNCI en de chemische industrie zijn zich bewust van de risico's die voortvloeien uit de bedrijvigheid in de sector. De individuele bedrijven zijn voortdurend bezig om steeds veiliger te werken. De VNCI ontplooit veel activiteiten om haar leden hierbij te ondersteunen. Een goede samenwerking tussen de overheid en het bedrijfsleven is volgens de VNCI noodzakelijk om de externe veiligheid in de chemische industrie te waarborgen en te verbeteren.
    De Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) wil optimale voorwaarden creëren voor het functioneren en de groei van de chemische sector in Nederland en bevordert de kwaliteit van de sector. De chemische sector is goed voor een omzet van € 47 miljard en is binnen de Nederlandse industrie verantwoordelijk voor circa 7% van de werkgelegenheid, 19% van de productie, 19% van de export, 19% van de investeringen en 24% van de onderzoeks- en ontwikkelingsuitgaven.

    Onderwerp: Naleving brandveiligheidsvoorschriften nog altijd onder de maat
    Thema: externe veiligheid
    Datum: 15 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Er mankeert nog altijd veel aan de naleving van brandveiligheidsvoorschriften door de zogeheten PGS-15-bedrijven. Dat zijn bedrijven die moeten voldoen aan strenge normen voor brandveiligheid, omdat zij volgens hun vergunning meer dan 10 ton verpakte gevaarlijke stoffen mogen opslaan. Uit een vandaag gepubliceerd onderzoek van de VROM-inspectie onder 338 bedrijven zonder bedrijfsbrandweer, blijkt dat de naleving weliswaar iets verbeterd is in vergelijking met vorig jaar, maar dat bij 14 procent nog steeds de juiste voorschriften in de omgevingsvergunning ontbreken. Zonder de juiste voorschriften in de vergunning kan er geen handhaving plaatsvinden. Bij 146 bedrijven (43 procent) kan niet worden aangetoond dat de brandbeveiligingsinstallatie is goedgekeurd, maar bij de meeste is inmiddels een procedure gestart om dit te herstellen. Bij 24 van deze bedrijven schiet het echt niet op met het naleven van de brandveiligheidsvoorschriften. Deze worden in het rapport met naam genoemd. - Agrowin, Winterwijk
    - AKZO Nobel Refinishes, Sassenheim
    - Avery Denisson Materials Nederland, Alphen aan den Rijn
    - CAV Agrotheekj, Middenmeer
    - Cerexagri , Rotterdam
    - De Rijke Act, Spijkenisse
    - Dusseldorp Gevaarlijk Afval, Gelderland
    - Foseco Nederland, Hengelo
    - Gewasbeschermingsmiddelenhandel Theunisse, Steenbergen
    - Greif Nederland, Zuid-Holland
    - Katwijk Chemie, Katwijk
    - Kluthe Benelux, Alphen aan den Rijn
    - Mavom, Alphen aan den Rijn
    - Nuplex Resins, Bergen op Zoom
    - PPG Coatings, Tiel
    - ProDelta Distriport Benelux, Rotterdam
    - Robertus'Zaadhandel, Eemsmond
    - Spectro, Oss
    - Stahl Europe, Waalwijk
    - Van Gent Van der Meer Nuyens, Julianadorp
    - Van Noordenne Coatings, Breda
    - Van Opzeeland, Maasdriel
    - Van Overloop Gewasbeschermingsmiddelen, Sluis
    - WPA Zeker en Vast, Westerbork
    De VROM-inspectie concludeert een beetje gelaten in het rapport: "Ondanks een verbetering van de situatie ten opzichte van 2010 blijkt het voor de bedrijven en het bevoegd gezag een langdurig proces om te komen tot een adequate borging van de brandveiligheid bij alle bedrijven".

    Onderwerp: Staatssecretaris Atsma: brandveiligheid Akzo Nobel niet goedgekeurd
    Thema: externe veiligheid
    Datum: 15 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    SASSENHEIM, 14 juli 2011 (update) - De brandbeveiligingsinstallatie van Akzo Nobel in Sassenheim is niet goedgekeurd en de provincie Zuid-Holland is hier nog niet tegen opgetreden. Dit constateert staatssecretaris Atsma (Infrastructuur en Milieu). Na de brand bij Chemie-Pack onderzocht Atsma de brandveiligheid bij bedrijven waar meer dan 10 ton verpakte gevaarlijke stoffen zijn opgeslagen.
    Het rapport van de VROM-Inspectie stelt dat er bij 24 bedrijven, waaronder Akzo Nobel Car Refinishes in Sassenheim, 'onvoldoende voortgang is geconstateerd', waardoor er geen zekerheid is dat 'de noodzakelijke borging van de brandveiligheid op korte termijn gerealiseerd zal worden'.
    Het rapport gaat eigenlijk over bedrijven zonder bedrijfsbrandweer, terwijl Akzo Nobel in Sassenheim beschikt over een bedrijfsbrandweer. "In dit geval is er sprake van zowel een bedrijfsbrandweer als een automatische blusinstallatie. Voor die gevallen is er bij het onderzoek voor gekozen om ze wel mee te nemen in het onderzoek omdat de blusinstallatie dan ook gewoon goed moet werken en gecontroleerd moet worden", aldus woordvoerder Gerard Westerhof van de VROM-Inspectie.

    Onderwerp: Reactie Gemeente Zwolle op situatie DMI
    Thema: bedrijfsbrandweer
    Datum: 16 juli 2011
    Lees hier verder bij de bron van het bericht >>

    Zwolle - De plek van DMI in Zwolle op de landelijke risicolijst die het ministerie van VROM deze week heeft bekend gemaakt is niet terecht. De gemeente Zwolle stelt dat DMI momenteel geen onverantwoorde risico's oplevert voor de omgeving. Risicobedrijven moeten zorgen dat ze hun (veiligheids)zaken goed op orde hebben en de overheid moet daar goed op controleren. Op basis van die uitgangspunten heeft de gemeente Zwolle de afgelopen jaren gehandhaafd bij de BRZO-bedrijven in de stad, waaronder DMI. Op dit moment zijn de risicofactoren waardoor DMI op de lijst van het ministerie beland is niet (meer) aanwezig.
    Het ministerie baseert de lijst op gegevens uit 2009 en 2010. Toentertijd zijn bij controles door gemeente, provincie en Veiligheidsregio overtredingen geconstateerd. Het bedrijf is daar op aangesproken. DMI heeft voor alle geconstateerde overtredingen actie ondernomen. Zo is bijvoorbeeld een adequaat afzuigsysteem geinstalleerd en is een nieuwe opslag aangelegd. Een andere factor waardoor DMI op de VROM-lijst is terecht gekomen betreft het (vermeend) ontbreken van een goed onderhoudsmanagementsysteem. Ook hierop handhaafde de gemeente al: DMI had tot 1 juni van dit jaar de tijd op zo'n systeem op te zetten. Dat systeem is er inmiddels ook. De Veiligheidsregio heeft als bevoegd gezag ten slotte geoordeeld dat DMI op dit moment geen bedrijfsbrandweer hoeft te hebben.
    De gemeente en DMI overlegden en overleggen zoals aangegeven al over de bedrijfsactiviteiten. Op basis van die contacten en van een concreet plan van aanpak verwacht de gemeente dat de risico's van de activiteiten bij DMI de komende tijd nog verder afnemen. Vanzelfsprekend blijft Zwolle risico-bedrijven binnen de gemeente controleren en indien nodig aanspreken op veiligheidsrisico's






    Actueel:


    Begrippen:

    Crisis:
    een situatie waarin een vitaal belang van de samenleving is aangetast of dreigt te worden aangetast.

    Crisisbeheersing:
    het geheel van maatregelen en voorzieningen, met inbegrip van de voorbereiding daarop, dat het gemeentebestuur of het bestuur van een veiligheidsregio in een crisis treft ter handhaving van de openbare orde, indien van toepassing in samenhang met de maatregelen en voorzieningen die op basis van een bij of krachtens enige andere wet toegekende bevoegdheid ter zake van een crisis worden getroffen.